donderdag 16 augustus 2007

Haute Bederfelijk


Iedereen heeft wel eens zo’n week waarin-ie zich in de dagen vergist. Dit is voor mij zo’n week.
Ik loop al deze hele week standaard één dag voor op de rest van Nederland.
Vrijdag komt er eetbezoek, en gezien ’t feit dat dit een culinair door mij best hooggeacht persoon is (ik kies bijvoorbeeld mijn wijnen voornamelijk op ’t gezellige kleurrijke label, zij smijt met weelderige termen als ‘medoc’, ‘sulfiet’ en ‘ziel van de fles’. Nou ja, ofzo.), dus ik denk: je fais du haute cuisine. Of in ieder geval, een poging daartoe.
Goed, ik wil dus indruk maken met mijn kookhoogstandjes, dan wel blunders. Ik ben er helemaal klaar voor om madam te overbluffen mijn keukenvindingrijkheid (zie kombucha-blog). Dus ik, met een in mijn hersenen opgeslagen boodschappenlijstje, mij naar de plaatselijke supermarkt gespoed. En het was me een boel wat ik moest inslaan, mijn god: marmelade, kersensaus, vijgen, rode uien, broccoli, oesterzwammen, gele kiwi’s, to name but a few. Ja, ik dacht ik sla gewoon groot in, dan zit er altijd wel iets interessants tussen om in de pan te flikkeren, keilen, of pleuren. Kortom, uiteindelijk had ik wel twee zakken boodschappen vol. Ook met hier en daar redelijk bederfgevoelige waar (u ziet hem al aankomen waarschijnlijk, maar dat vind ik geen reden het verhaal niet af te maken). Dat soort voedsel is namelijk vaak ook duur, en dus ook enorm culinair correct. Als een Neanderthaler sleepte ik de dingen mee naar mijn hol, oftewel, ons huis. “Kijk eens, man-dier,” zei ik stoer tegen mijn wederhelft, “de prooi van morgen. Voor de culinair aangelegde vriendin.” Vriend gromde goedkeurend toen ik alle etenswaren voor hem uitstalde. “Jahaa, indrukwekkend, ik weet 't”, zei ik, mijzelf op de borst kloppend.
Helemaal vol van mezelf wierp ik me op de bank en schonk ik mij een glas volgens de plaatselijke-supermarkt-wijn-lijst verantwoorde Australische chardonnay in. “Maaike”, steunde vriend, “zit er ook bederfelijke waar in die tas?” “Volop!”, antwoordde ik trots, “hoe verser, delicater en duurder, hoe bederfelijker.” Ik somde een lange lijst op met dingen die zeker binnen een dag hun prachtige glans dan wel smaak zouden verliezen. Er zaten zelfs etenswaren tussen die hun voedselvergiftigingsdatum reeds naderden (tja, het blijft de supermarkt, check zelf eens de houdsbaarheidsdata. Schandalig.). Vriend steunde opnieuw. “Maaike,” zei vriend rustig en geduldig, “welke dag denk jij dat het is?” “Tssss. Weet jij niet welke dag het is? Tjongejongejonge. Ik ben ook af en toe een lopende agenda voor jou, meneertje, eh... het is... donderdag. Sukkeltje.”, antwoordde ik licht geïrriteerd en met een zwaaiend terechtwijs-vingertje. “Lieverd”, zuchtte vriend, “ik vroeg het, omdat het vandaag woensdag is. Niet donderdag, zoals jij schijnt te denken. Culinair aangelegde vriendin komt pas vrijdag eten. Jouw culinaria gaan rotten, of in ieder geval stinken.” Mijn hoofd werd zo wit als de zojuist aangeschafte servetten. Dus u begrijpt, wij hebben gisteravond heerlijk zitten smullen teneinde ons te behoeden voor een (onwel)riekende koelkast. En nu vanavond maar weer naar de supermarkt om opnieuw wat dingen in te slaan. Het is morgen vrijdag. Toch?

1 opmerking:

Anoniem zei

Internet http://bux.to/?r=a_osan
:)